Fietsbeleid van toerisme-minister René Collin


Geen beleid is ook beleid

Ingezonden door Paul de Jong uit Valkenburg, uitgever van Klimroutes.nl

In uw schrijven van maart 2016 uit u uw ongenoegen over het fietsbeleid van minister René Collin, (Waals Gewest). Wat wilt u van een minister die persoonlijk het subsidiegeld naar de verenigingen komt brengen; die ideeën beloont en geen resultaten; die de inhoud overstemt met zijn eigen mooie praatjes; die een Nederwaal als Peter Borsboom niet ziet, want een Nederwaal is geen Waal en kan dus niet op hem stemmen.

2016 jaar van de fiets in Wallonië
Dat 2016 het jaar van de fiets is voor toeristisch Wallonië, is nog niet tot de Oostkantons doorgedrongen. Daar is een nieuwe brochure uitge- komen voor de aldaar gelegen drie bordjesroutes, bestemd voor automobilisten en motorrijders

(zie Waals Weekblad van 3 juni 2016). Toerfietsers op hun racefiets, zoals er velen in Nederland en Vlaanderen zijn, worden niet genoemd. Op mijn website  'klimroutes.nl' heb ik de routes van de provincie Luik geschikt gemaakt voor toerfietsers; de drie van de Oostkantons vallen daar ook onder.

In Nederland veel 50-plussers op de fiets, daar zijn de bordjes duidelijk
Ik kom terug op het plan van Peter Borsboom. Het is een uitstekend plan. Wie maar één willekeurige dag met mooi weer in Nederland fietst, ziet die groep van 50-plussers in groten getale op de fiets; allemaal beschaafde fietsers; allemaal echtparen. In Belgisch Limburg hebben ze die groep al lang ontdekt. Daar zijn alle bordjes duidelijk. Er ontbreken er geen. De fietspaden zijn bijna allemaal verhard. Veel Nederlandse Limburgers gaan daarom fietsen in Belgisch Limburg. Zij weten dat de infrastructuur daar perfect is. De mond-tot-mondreclame doet hier zijn werk. Dit soort reclame is belangrijker dan papieren reclame, hoeveel prachtig papier al die tientallen Waalse toeristische bureautjes ook produceren. Helaas is dit voor het toeristisch bureau van Marche-en-Famenne nog niet duidelijk, blijkens het artikel ‘Knooppunten in de Famenne’, dat op 1 mei 2016 in het dagblad De Limburger uit Nederland stond.

In Marche als de 50-plussers al geweest zijn, komen ze nooit meer terug
In Marche-en-Famenne zijn knooppunten- bordjes, maar enkele daarvan zijn zo knullig neergezet dat je ze pas ziet na een vertwijfeld om je heen kijken. En dan het wegdek: soms met stenen die de angst  oproepen voor een kapotte band. Iemand van een plaatselijk toeristisch bureau had gezegd dat voor sommige stukken een MTB-fiets vereist is. Alsof je onderweg even van fiets kunt wisselen! Man, vrouw, stuiterend op de stenen; 50-plus; die komen nooit meer terug.

Uitbreiding Fietsplan Borsboom:  ook op voormalige spoorwegen
Aan het plan van Peter Borsboom kan volgens mij nog een component toegevoegd worden. Hij beperkt zich tot de elektrische fiets, maar ook de gewone fiets biedt mogelijkheden, met name op de voormalige  (vlakke) spoorwegen die omgevormd zijn tot fietspaden. Een gouden plek is het plaatsje Waimes, vooral als het traject ‘Waimes - Sankt-Vith’ verhard zou worden.  Vanuit Waimes kan er in drie richtingen gefietst worden: 1) richting Troisvierges (Lu),  2 ) richting Aken; 3) richting Trois Ponts. Hier zijn met de fiets in combinatie met de auto (met trekhaak) zes dagtochtjes uit te halen. Belangrijk hierin is dat startplaatsen (parkeerplaatsen) goed beschreven worden: adres (voor de navigatie), grootte, ondergrond, wel of geen bebouwing erom heen. Fietsers moeten in een voor hen vreemde omgeving vooraf geen onzekerheid voelen over het vinden van een parkeerplaats. Toch is dat iets waar toeristische bureaus niet aan denken, ook niet die van de Eifel. Zelf besteed ik daar op handbiken.nl wel veel aandacht aan. De hier beschreven routes zijn bedoeld voor handbikers, maar gewone fietsers kunnen die net zo goed gebruiken. Er staan routes op in Nederland, Belgisch Limburg, de Eifel, maar ook in de Ardennen. In dit laatste geval zijn het voormalige spoorwegen. Ik hoop eens al deze spoorwegen van Wallonië, voorzover geschikt,  beschreven te hebben, ook voor gewone fietsers; dit ter ondervanging van de website Chemins du rail, die helaas niet vertaald is in het Nederlands.

Euvel Waals toerisme, 'kretologie'
Hiermee kom ik op enkele euvels in het Waalse toerisme. De website van Ravel en die van  Chemins du rail zijn niet vertaald in het Nederlands, hoewel de Vlamingen en Nederlanders de belangrijkst doelgroep zijn. Ongelooflijk! Als er al vertalingen zijn, dan komen die krakkemikkig over.  'Balade' en  'promenade' bijvoorbeeld worden met droge ogen vertaald als 'wandeling', terwijl het in die context om een fiets- of autotochtje gaat. Daarbij komen websites chaotisch over: veel drukte, maar weinig overzichtelijkheid. Ook is de terminologie verwarrend. Voor de Ardennen zijn 'Ardenne bleue', 'Echte Ardennen' (waar zijn de onechte?), 'Ardenne' en gewoon  'Ardennen' in gebruik. Verder worden Brussel en Wallonië op één hoop geveegd, terwijl die duidelijk gescheiden moeten zijn naar het publiek toe. Ook zijn er te weinig vakantiehuisjes voor twee personen, en gehandicapten moeten lang puzzelen voordat ze uit al het aanbod op een paar hotels uitkomen.

Plan Prevot voor verbetering Ravel-paden, wel cultuurschok nodig
Maar er is hoop. Minister Prevot (Wallonië: Openbare Werken en Gezondheid) heeft geld vrijgemaakt voor verbetering van de Ravel-paden. De lijst van verbeteringen ziet er goed uit. Als dit plan uitgevoerd is (streefdatum 2019); als de toeristische sector zich verplaatst in de fietscultuur van de Vlaming en de Nederlander; als er beschrijvingen komen van startplaatsen (parkeerplaatsen); als er van elk traject praktische informatie gegeven wordt (en niet alleen ronkende teksten over het schone onderweg), dan wordt het fietstoerisme in Wallonië een geduchte concurrent.

Ik gun de Walen een leven zonder werkeloosheid. Toerisme is arbeidsintensief. De vreemdeling op de fiets biedt daarom perspectief.

Paul de Jong,
Valkenburg
10 juni 2016
www.klimroutes.nl